BRAM-BLOG

VRIJDAG 29 SEPTEMBER - laatste blog
Vanavond eet ik lekker een eitje en een ijsje. Wij waren ook weer bij de tamper en daar was ook die ene jongen weer, die is politieagent. Ik heb een stok en daar prik ik mee. Ook lekker in allerlei vieze dingen. Ze zeggen dat ik ouder lijk. En dat ik dunner ben. Nou en. Ik ben heus nog wel lief. Morgen krijg ik nieuwe schoenen.

DONDERDAG 28 SEPTEMBER
Had ik al verteld dat ik op een tameel gezeten heb? Die ruiken helemaal niet lekker. Ik durf dat best. Ik ben ook heel lief de laatste paar dagen. Want ze weten allemaal het telefoonnummer van de stoute-jongens school. Ik heb Marcel gevraagd, en Jan en Birdit en die weten het ook. Ik wil daar niet heen. Marcel vertelt over een politieagent die petten likt. Wat een gekkie.

WOENSDAG 27 SEPTEMBER

Ik vind Badah heel lief. Hij gaat telkens met mij spelen en knuffelen. Ik mag ook alles van hem. Mama vindt dat niet leuk. Als zij ´nee´ zegt, ga ik gewoon naar Badah, dan mag het wel. Ik ga ook met de hamer slaan, op stenen en op plastic flessen.

DINSDAG 26 SEPTEMBER
Vandaag heb ik alles opgegeten zonder te zeuren. Bijna. Mama zegt dat de snoepjes bijna op zijn. Mijn schoenen zijn kapot. In UB krijg ik nieuwe. Badah heeft mijn schoenen geplakt. Als ze filmen, mag ik er niet meer voor lopen. Dan wordt Jan boos. Hij zegt dat ik al telkens voor de camera ga staan.

MAANDAG 25 SEPTEMBER
Ik heb samen met Badah heel veel hout gezocht, want wij gaan weer een vuur maken. Ik mag helpen bij het vuur. In de jeep ga ik vaak slapen. Op de achterbank. Als papa aan het buddiejen is.

ZONDAG 24 SEPTEMBER
Badah gaat met mij hout zoeken. Want ik ga een vuur maken. Het karton mag er niet bij van mij. Ik wil niet naar de stoute-jongens-school, dus ik ben vandaag heel lief.

ZATERDAG 23 SEPTEMBER
Wij zijn weer bij die kindjes. Ik geef ze snoepjes. Ik ga ook met ze vechten, maar dat mag niet. Dus ga ik tikkertje doen. Het hondje mag ik niet aaien. Dat wil ik wel. Maar ik ben bang. Het regent en mijn broek wordt nat. Wij slapen in een tent.

VRIJDAG 22 SEPTEMBER

Vandaag ga ik heel goed luisteren. Dat kan ik al. Ik kan ook heel goed onthouden. Toch moet ik weer apart zitten. Ik help ook met de tent. Die waait weg. Ik ga hem snel pakken, dat kan ik wel. Ik heb ook telkens honger. Mama zegt dat zij mijn ribbetjes kan zien. Maar ik wil chocomel en andere lekkere dingen. Die zijn hier niet. Gister heb ik heel veel spirelli gegeten. En vandaag een boterham met pindakaas.

DONDERDAG 21 SEPTEMBER
Papa is vandaag niet zo lief. Soms wel, maar soms zet hij mij ver weg van de auto's en de tenten. Hij zegt dat ik niet luister. En dat als ze 'nee' zeggen, ik niet gewoon moet doorgaan. Ik wil het niet. Ik moet ook veel huilen.

WOENSDAG 20 SEPTEMBER
Hoera, wij gaan weer buddiejen. Ik ga Badah duwen op de buggy. Badah krijgt veel zoentjes van mij. Ik mag zelf de afwas doen.

DINSDAG 19 SEPTEMBER
Wij slapen in een hotel. Met de beer doe ik een tovertruuk. Simsalalbim en de beer is weg, en simsalabim en de beer is weer terug. Ik doe ook allemaal andere truukjes en mama en Birgit gaan dan heel hard klappen. Dat is leuk. Maar het krukje valt zomaar om. Wij gaan weer rijden met de jeep. Ik ga slapen. Papa is er weer. Ik ben blij.

MAANDAG 18 SEPTEMBER
Ik moet heel vroeg mijn bed uit. Wij gaan rijden met Badah. Ik vind Badah lief. Ik mag achterin liggen. Mama vertelt verhaaltjes. Maar het hobbelt heel erg. Wij eten en dan zijn er allemaal kindjes. Die willen ook een ballon. Wij gaan samen spelen. En ik ga heel hard rennen.

ZONDAG 17 SEPTEMBER

Ik eet twee eitjes, maar niet het geel. Er zijn zwerfkindjes. Die krijgen een broodje van ons. Die hebben geen vader of moeder. Ik mag televisie kijken bij Zaya en dan ga ik slapen. Op straat moet ik heel hard huilen, want ik krijg straf van mama. Ik snap het niet.

ZATERDAG 16 SEPTEMBER
Ik help met scheppen bij de truck. De tamper moet er vanaf. Al die mannen lachen naar mij. Lachen ze me uit? Ik kijk ook televisie in het huis. Met Birgit ga ik tlimmen. Dan doe ik een touw om mijn hand en zij trekt mij omhoog. 's Avonds eet ik eindelijk weer een eitje en brood. Ik heb ook met papa gepraat aan de telefoon.

VRIJDAG 15 SEPTEMBER
Roman is er ook. Ik vind Roman lief. Ik ga heel laat naar bed. Ik mag niet telkens naar mama toe, want mama moet praten. Van Birgit mag ik niet bij de vieze dingen. Ik wil ze oprapen en ermee spelen. Er zijn hier heel veel vieze dingen op de straat. Alle mensen kijken naar mij.

DONDERDAG 14 SEPTEMBER
Wij moeten heel ver rijden. Ik wil bij het raam zitten, maar ik wil ook in het midden zitten. Ik wil slapen, maar ik wil niet slapen. Ik wil een snoepje, maar dan moet eerst het horloge van mama piepen. Ik mag drie verhaaltjes uitzoeken. Prins Peentje vind ik leuk. Ik ben al een echte chauffeur, ik heb de vrachtauto gestuurd. Ik heb ook met een jongetje gespeeld. Hij gleed in het water en ging toen huilen. Toen heb ik hem snoepjes gegeven.










WOENSDAG 13 SEPTEMBER
Mama zegt dat Tsolmon stout geweest is. Maar ik vind hem lief. Ik geef hem heel veel kusjes. Ik mag hem helpen. Wij gaan naar de grote stad, maar het duurt heel lang. Ik krijg wel drie snoepjes en daar ga ik van stuiteren.












DINSDAG 12 SEPTEMBER
De vrachtauto gaat weer rijden. Het hobbelt heel erg. Ik mag een geitje aaien. En er is ook een hond. Die vind ik niet lief. Ik laat het meisje zien hoe je een ballon moet gooien.












MAANDAG 11 SEPTEMBER
Wij gaan weer niet rijden vandaag. Ik mag op een paardje rijden. Een heel klein paardje. Ik kan dat al heel goed. Vandaag heb ik goede poep. Papa wordt heel boos als ik met mijn schoen in de poep ga staan. Hij was weggelopen en ik wilde spelen.











ZONDAG 10 SEPTEMBER
Papa gaat titen, en it mag helpen. Papa en mama gaan met Tsolmon naar de tamelen toe. Maar die willen dat niet. Ze zeggen dat ik een spraatgebret heb, maar dat is niet zo. It tan heus wel 'k' zeggen. En it tan al zelf op de trut tlimmen. Helemaal tot in de tamper.
















ZATERDAG 9 SEPTEMBER
Ik speel lekker met stof. Maar als ik dan telkens aan mijn gezicht zit, wordt mijn gezicht vies, zegt mama. En dan doet het pijn als het schoongemaakt wordt. Ik mocht mee met papa op de kite, maar toen ging hij lopen. Toen ik wakker werd, was iedereen in het water aan het spetteren. Ik heb op de band gezeten. En helemaal alleen ging ik over het water.










DONDERDAG 6 SEPTEMBER
Ik ben boos. Het is koud en ik wil niet. Mama zet met op de grond achter de aanhanger, daar moet ik blijven zitten. Dat doe ik eerst niet. Dan komt mama en ze is boos. Dan blijf ik wel zitten. Ik heb ook geslapen in de truck. Papa vindt een beestje voor mij. Ik noem hem 'Busje'. Als ik naar bed ga, moet ik Busje weer neerzetten, dan kan hij met z'n vriendjes gaan spelen. Ik heb koeskoes gegeten en niet gespuugd. En ik heb iedereen een nachtzoen gegeven.

WOENSDAG 6 SEPTEMBER

Papa gaat kiten en ik zit in de truck. Telkens stopt papa of dan valt de kite weer op de grond. De kite is rood en soms is die blauw. Ik mag ook mee kiten met papa. Morgen zegt hij. Wij eten vieze groene en oranje dingetjes. Uit een zakje zegt mama. Nou, dat hoef ik niet. Ik spuug het uit. Ik mag wel de garde aflikken van de chocolademoes.

DINSDAG 5 SEPTEMBER

Vandaag is een leuke dag. Ik mag papa helpen met de buggy en heb ook met papa in de buggy gezeten. Ik heb ook met mijn eigen vlieger gevliegerd. En het lukte vandaag al om een stukje los te fietsen op de grote fiets. Wij kregen ook bezoek van een motorrijder en daar mocht ik samen met papa op rijden. Dat was echt stoer. Vanavond gaan wij eindelijk weer spirelli eten en moet ik vroeg naar bed, want morgen gaat de expeditie beginnen.

MAANDAG 4 SEPTEMBER
Als wij wakker zijn gaan wij naar het hotel van Marcel, Jan en Birgit. Daar gaan wij wat eten en een plannetje maken voor de rest van de reis. Mama, Mmarcel en ik gaan boodschappen doen en de anderen gaan geld halen en andere spulletjes regelen. 's Middags eten wij weer in het restaurantje en daarna gaan wij weer rijden. Nu zijn wij echt in de woestijn, zegt papa en daar gaat papa buggyen en ik ook. Marcel, Jan en Birgit zetten de tentjes op, want die gaan daar in slapen. En ik ga vliegeren en fietsen en helpen met de tenten. Na het eten moet ik alleen gaan slapen. Dat vind ik niet leuk. En ik ga heel hard huilen. De anderen blijven buiten. Dat is helemaal niet gezellig, want dan ben ik helemaal alleen.

ZONDAG 3 SEPTEMBER
Wij moeten weer vroeg opstaan want wij moeten een heel eind rijden. Eerst moet de auto gemaakt worden en dan kunnen wij weg. Mama en ik gaan vast een stuk vooruit lopen. En wij lopen heel ver, tot de auto heel klein is geworden. Onderweg stoppen wij weer bij een ger en daar speel ik met een jongetje. Hij is iets groter dan ik, maar hij is al zeven jaar. Maar ik ben al veel sterker. Na heel lang rijden komen wij eindelijk in het plaatsje aan en daar staan Marcel, Jan en Birgit ons op te wachten . Wat gezellig is dat. Wij gaan met z'n allen eten in het restaurantje en ik eet lekker eitjes en aardappeltjes. Dan gaan wij slapen en morgen blijven wij in Altai.












ZATERDAG 2 SEPTEMBER

Mama moet me alweer wakker maken, Ik moet weer opschieten. Ik ga nog even gedag zeggen aan opa en ik mag aan iedereen fotos uitdelen. Als wij net onderweg zijn, hebben wij pech met de truck. Dan bellen wij met oom Jacob en tante Nancy. Mama zegt dat ik een nichtje erbij heb, en ze heet Floor. Als ik thuis ben, hoop ik niet dat het al een grote meid is. Wij moeten weer heel lang in de auto zitten en dat is voor mij niet leu,k want de DVD doet het nog steeds niet. Als het al heel donker is, doet de truck het ook niet meer en kunnen wij niet meer verder. Nu duurt het nog langer voordat ik de anderen zie. Ik wil zo graag naar Marcel en Jan en Birgit. Wij gaan weer laat slapen en morgen gaan wij echt naar Altai.

VRIJDAG 1 SEPTEMBER
Om 9 uur word ik wakker, het waait heel hard en het is heel koud. Wij blijven lang in bed en wij moeten wachten tot Roman terugkomt om ons te helpen. Als ontbijt eten wij knakworst en brood. Dat is lekker. Om elf uur is de zon er en kan ik lekker buiten spelen. Ik ga vast stenen zoeken en hout zodat wij vanavond een kampvuur kunnen maken. Als ik daar aan het zoeken ben komen er twee jonges op een paard langs. Ik mag de paardjes aaien, maar ik mag er nog niet op rijden. Na een tijd komt er een truck aan rijden. Het is Roman met een paar vrienden. Papa zegt dat ze ons komen helpen. De truck wordt in een greppel gereden en papa en de andere mannen gaan de camper erop rijden. Ik moet ook helpen om spullen vast te houden. Als de camper erop staat gaan wij naar Khovd. Daar gaan wij wat eten bij de familie en ze hebben daar een hele leuke opa en oma. Die willen allemaal met mij spelen en op de foto. Ik mag vanavond weer heel laat naar bed, pas om half elf. Morgen gaan wij weer verder naar Birgit, Jan en Marcel.

DONDERDAG 31 AUGUSTUS
Zeven uur, ik word wakker gemaakt door mama. Ik moet opschieten, want vandaag gaan wij verder naar Khovd. Er gaat een grote truck met ons mee die ons helpt als het nodig is. Na een paar uur rijden stoppen wij bij zo'n grote tent, dat heet een ger, en daar krijgen wij vieze thee en vies brood. De thee is wit en het brood is oud. Ik heb het uitgespuugd. Bij de ger hebben ze ook een grote roofvogel. Ik kan hem niet aaien, dat is te gevaarlijk. Onderweg kan ik nu geen filmpjes meer kijken, daar wiebelt het te hard voor in de auto. En op een gegeven moment staan wij stil en kan de auto niet meer verder rijden. Hij is kapot. Er komen allemaal mensen helpen om hem te maken, maar het lukt niet. Vannacht moeten wij hier blijven slapen. Er is geen hotelletje, geen parkeerplaats, er is helemaal niets.

WOENSAG 23 AUGUSTUS TOT WOENSDAG 30 AUGUSTUS
Papa en mama hebben uitgelegd dat we de komende dagen veel moeten rijden, omdat we anders niet op tijd in Mongolië komen. We proberen elke dag vroeg op te staan, maar steeds als we verder gaan rijden is het een uur later. Maar nu rijden we zelfs door als het donker is en dan moet papa rijden, want die kan heel goed rijden. Onder het rijden is het om beurten Bramtijd en papa en mamatijd. Als het Bramtijd is, kijk is meestal een DVD. Papa en mamatijd is eigenlijk
ook wel leuk, want dan hebben we gezellige muziek en dan doe ik spelletjes met papa of mama of we zijn aan het kleuren. Het wordt wel moeilijker om binnen de lijnen te kleuren, want soms gaat de auto heel erg wiebelen. We slapen meestal nog op betaalde parkeerplaatsen, maar er komen steeds minder plaatsen en soms slapen we dan bij een politiepost, zodat de boeven niet bij de camper kunnen komen. Laatst hebben we bij een dorp langs een rivier gestaan en hebben papa en ik een kampvuur gemaakt, dat mag hier. Na zes dagen rijden zijn we eindelijk in Mongolië. Ikvind het maar raar, want er zijn helemaal geen parkeerplaatsen en mooie hotelletjes en geen zwembad. Maar papa zegt dat we hier wel kampvuurtjes mogen maken, dat is echt gaaf. Dus ik verzamel steeds hout. We staan nu in Olgi en ik heb hier met kindjes op een schooltje gespeeld, maar ik vind het op mijn schooltje bij de boskabouters veel leuker met juf Astrid en Suraja. Morgen gaan we weer verder rijden en dan zien we Birgit, Jan en Marcel.

VRIJDAG 18 AUGUSTUS TOT DINSDAG 22 AUGUSTUS
Wij houden vakantie in Samara. We slapen in een heel mooi hotel in Samara. Ik heb een eigen bed, heel groot. In de badkamer hebben we een mooi bad, met allemaal zeepjes en flesjes net als bij oma Wijnand en bij oma Slooff. Ik mag elke dag met de zeepjes en flesjes onder de douche. Bij het ontbijt staan en veel dingen en mag ik zelf uitkiezen wat ik
wil eten. Nou ja, niet helemaal,want van mama moet ik wel altijd fruit eten. Oma Slooff: ze hebben hier Yakultjes in mooie glaasjes en ik drink er elke ochtend twee, een voor mij en een voor jou. Na het ontbijt ga ik altijd met papa en mama zwemmen in het zwembad. Dan krijg ik een zwemvest aan, want het is een heel diep bad en dan ga ik zwemmen en duiken, want ik mag ook een duikbril gebruiken. Na het zwemmen gaan mama en ik dan naar het park of naar het strand. In het park ga ik dan altijd springen op het springkussen en klimmen. Ook is er een eekhoorntje die ik dan eten geef, soms knijpt hij me dan. Op het strand willen alle kinderen met mijn speelgoed spelen en dat is erg leuk.Ook hebben ze hier een hel egrote glijbaan waar ik met papa een keer ben afgegaan. Dat gaat heel hard. Daarna moet ik van mama een schoonheidsslaapje doen in het hotel, want ik mag 's avonds heel laat opblijven. Als avondeten eet ik nog steeds vaak pasta of pannekoeken. Pannekoeken worden heel veel gegeten in Rusland. Op zaterdag zijn we met de baas van het hotel (Ivan) naar een vliegtuigshow geweest. Ik mocht in de vliegtuigen en helicopters zitten, maar we gingen niet vliegen. Dat wilde ik eigenlijk wel. Op dinsdagavond hebben we van iedereen afscheid genomen en morgen gaan
we met de camper naar Mongolië.

DONDERDAG 17 AUGUSTUS
Ik heb hier een goed ontbijt gehad. Ik heb lekker gezwommen met papa. Verder gaan we nog in de stad kijken en misschien naar het strand.

WOENSDAG 16 AUGUSTUS
Papa zegt dat we vandaag niet zo lang hoeven te rijden. We gaan naar een hotel in Samara. Dat is een stad in Rusland. Daar gaan we dan een dag rust houden. Ik mag kiezen wat we gaan doen. Gaaf he. Maar eerst moeten wij lang rijden. Dan komen wij in een supergaaf hotel. Papa en mama zeggen dat ik me netjes moet gedragen. Doe ik toch altijd.
In het hotel hebben ze ook een zwembad. Morgen mag ik daar zwemmen. We hebben langs het strand gegeten. Ik ben nog even de zee in geweest. De Volga, dat is ook nog Rusland.

DINSDAG 15 AUGUSTUS
Moet ik nou elke dag wat vertellen voor die wepsait? Dat wil ik niet. Vandaag lijkt een beetje op gisteren. Wij rijden in
de camper. Ik vind het leuk. Ik ben al drie dagen lief. Ik luister ook al drie dagen goed. Daarom mag ik bij een
benzinepomp wat uitzoeken. Dus goede raad: het helpt soms echt om goed te luisteren.

MAANDAG 14 AUGUSTUS
Ik heb niet veel te melden. Dit wordt een hele lange dag rijden. Ik hoef niet vast te zitten in mijn stoeltje. Dat is lekker.
Het enige dat een beetje apart was, wad dat het vandaag mama-tijd was. Ik mocht met papa voorin. Mannen onder elkaar. Mama ging achterin een filmpje kijken. Nou, morgen is het weer Bram-tijd, toevallig. Het is wel leuk bij papa voorin. Ik mocht vandaag heel laat naar bed. Wel om 22.00 uur. Mama laat zien op de kaart dat we in Rjazan zijn. Moeilijke naam he, dat is Russisch.

ZONDAG 13 AUGUSTUS
7.15 uur. Ik word wakker en mijn papa is al uit bed. Snel, ik moet hem helpen. Ik mag nog spelen op de locomotief. Ik moet ook nog verstoppertje doen. Mama zegt dat ik eerst moet eten, aankleden, wassen en bla bla bla. Ik weet het wel,
hoor. Oké, ik doe al rustig. Beloofd is beloofd.
Vandaag rijden wij veel. Ik kan gewoon filmpjes kijken. Niet meer dan twee per dag. Maar dat is genoeg, want ik kan ook kleuren met papa of mama en kleien en spelletjes doen. Ik vind het best leuk hier. Als we stoppen willen alle Russische mensen naar me kijken en sommigen willen aan me zitten. Er zijn hier veel mannen. Mama zegt dat ze dronken zijn. Ze praten helemaal raar. Ik ga snel naar mama, doei.
14.11 uur. Langs de weg staan allemaal vrachtauto's. Papa zegt dat we weer een grens over gaan. Nu naar Rusland. Ik snap het al. Als je moet stoppen en ze komen kijken, dat is een grens. Ik heb daar dus geen zin in. Ik moet heel nodig poepen. Maar van die meneren mogen wij de auto niet uit. Mama verzint wat geks. Ik heb al een een plasfles. Nu moet ik poepen in een zak. Wel apart, hoor.
16.32 uur. Eindelijk komt papa bij de auto. Omdat ik 2 1/2 uur zo goed geluisterd heb, mag ik een DVD kijken. Dan gaan wij naar de camping. Maar de camping is er niet. Dan gaan wij weer naar een parkeerplaats. Mama maakt snel spirelli en ik wil naar bed. Ik ben moe.

ZATERDAG 12 AUGUSTUS
7.30 uur. Ik word wakker van lawaai. Papa en mama zijn alweer druk bezig. Ik ben nog moe, hoor en niet uitgeslapen. Want het regende heel erg hard en ik kon niet in slaap komen. Gelukkig sliep mijn mama naast me. We moeten wel
weer een beetje opschieten, zegt mama. Want we gaan naar Rusland ofzo. Ik snap het allemaal niet meer. Maar mama zegt dat we op weg zijn naar Mongolië. Nou goed dan.
Om 8.35 u zijn we bij de grens. Ze willen allemaal naar me kijken. Dat vind ik niet leuk. Mama legt uit dat het hoort. En zij zegt ook dat zij het een beetje eng vindt. Ik mag geen filmpje kijken, balen. Maar ik hoef ook niet vast te zitten in mijn stoeltje. Ik kan de hele auto doorklimmen. Super gaaf.
11.05 uur. Slecht nieuws zegt papa. Hij zegt dat we terug naar Polen moeten. Wij moeten nog stempels halen voor ons paspoort. Goed nieuws. Ik mag een DVD kijken.
14.09 uur. Wij zijn we weer bij die grens, nou daar heb ik dus echt even geen zin in. Veel later word ik wakker. Papa zegt dat we in Belarus zijn. Nou het is nog steeds geen Mongilie toevallig. Het is hier wel een uur later.
20.30 uur. Wij stoppen we bij een parkeerplaats met een hele grote locomotief. Eerst nog even spelen en dan lekker slapen.

VRIJDAG 11 AUGUSTUS 2006
Hoera, vandaag is het Bramdag! Ik ben vroeg wakker. Ik heb goed geslapen en ik wil in de camper eten. Daarna wil ik kleien. Ik moet ook nog met papa en mama mee naar het internetcafe. Daarna mag ik kiezen wat we gaan doen. Joepie! Dat moet dus wel een leuke dag worden.

DONDERDAG 10 AUGUSTUS 2006
Ik sliep nog lekker maar papa en mama maken herrie. Wat zijn zij aan het doen? We moeten snel eten en opschieten. We gaan naar een leuke camping rijden waar ik kan zwemmen. Wij stoppen om iets te drinken bij een oude benzinepomp. Er komen andere kinderen bij onze camper kijken. Ik mag een snoepje uitdelen. Maar ze wilen niet. Jammer, ik wel. Ze praten ook gek. Om 12 uur zijn we op de camping in Kobylany. Het is vlakbij de Russische grens, zegt mama. Maar ik zie niets. Eerst moet ik even slapen en daarna mag ik zwemmen in het meertje. Het meertje zit vol blauwalg net als in Haarlem. Dus ik kan niet zwemmen. Daar baal ik van. Nu ga ik gewoon knutselen. Heel de middag kleien met papa. Na het eten nog even douchen en dan naar bed. Morgen is het Bramdag!



WOENSDAG 9 AUGUSTUS 2006
Ik word om zeven uur wakker. Ik heb alleen beneden geslapen. Nu ga ik papa en mama wakker maken. Ik ga samen met papa douchen. Daarna gaan we in het restaurantje eten. Dat vindt papa zo gezellig. Nou, het zijn gewoon
broodjes. Maar er is geen appelmoes. Dan gaan wij rijden. Naar de grens, zegt mama. Maar ik zie niks. Papa en mama zijn nog nooit in Polen geweest. Ik wel. Wij mogen niet verder rijden van twee mannen in groene pakken. Ze moeten onze paspoorten zien. Ik heb een eigen paspoort. Lang geleden toen ik nog een baby was, had ik hem al. Wij mogen doorrijden. Dan staan wij in de file. Er zijn heel veel vrachtauto's. En ook allemaal mensen die aan de weg werken. Ik vind het niet leuk. Papa en mama worden boos. Ik heb gewoon een baaldag. Wij stoppen bij allemaal andere auto's. Mama kookt spirelli. Dat is mijn lievelingseten. Maar dan moeten wij nog meer autorijden. Ik wil niet. Om half negen zijn wij weer op een camping. In Warzawa, zegt papa. Ik ga slapen.

DINSDAG 8 AUGUSTUS 2006
Vannacht heb ik met papa boven geslapen. Morgen wil ik alleen beneden slapen. Eerst gaan wij eten en dan gaan wij rijden. Als we over de grens zijn mag ik een DVD uitkiezen. In de middag gaat mama rijden. Papa komt bij mij zitten om
spelletjes te doen. Daar word ik heel moe van. Ik val in slaap. Om half acht zijn we op een camping (papa: Bad Saarow). Dat is vlakbij een ander land, zegt papa. Polen ofzo. Nou, dat is nog geen Mongolië, dus we zijn er nog niet.

MAANDAG 79 AUGUSTUS 2006
Om zeven uur schrik ik wakker. "Mama waar ben ik, waar zijn we? Zijn we nou in Mongolië?" Mama zegt alweer nee. Maar ik weet zeker dat we naar Mongolië gaan. We gaan vandaag nog langs Brummen. Daar wordt de bus nagekeken. Papa noemt de bus telkens camper. Ik mag daar DVD's kijken. Dat vind ik niet leuk. Ik wil autorijden. Na heel lang wachten is de auto klaar. Dan gaan wij wel rijden. Weer naar een camping. In Lutte, zegt mama. Wij zijn nog steeds Nederland. Papa zegt dat morgen de reis echt gaat beginnen. 's Avonds komt de brandweer op de camping. Ik mag iedereen natspuiten met de grote brandweerspuit. Ik word later brandweerman. Daarna moet ik slapen en morgen gaan we naar Duitsland.

VERVOLG ZONDAG 6 AUGUSTUS 2006
We gingen eerst naar John, Mariek en Lars. Daarnaa gingen we weer rijden in de camper. Ik heb een mooie tekening gemaakt. En ook leuke spelletjes met mama gespeeld. Toen ik een filmpje ging kijken, viel ik in slaap. Om vier uur werd ik wakker. Het was een leuke camping. "Is dit Mongolië, mama?" vroeg ik. Mama zei nee. "Hoever is het dan nog lopen?" Op de camping in Vorden hebben ze een leuk zwembad en een mooie speeltuin. Ik ga pas om half negen naar bed. Maar dit is niet mijn eigen bed. Ik kan niet slapen. Het is wel heel spannend om boven in de bus te slapen. Papa zei dat ik om 11 uur in slaap viel.



ZONDAG 6 AUGUSTUS 2006
Papa ging gisteren pas heel laat naar bed. Hij zei dat er brand in de bus was. Maar dat heb ik niet gezien. Ik word later brandweerman. Vandaag waren er heel veel mensen. Wij gingen met vakantie. Ik heb eerst een boom omgezaagd. Ik moest ook huilen. Ik weet niet meer waarom. Toen mocht ik de nieuwe kleren aan. Kijk maar op de foto. Papa en mama gingen ook nieuwe kleren aandoen. En toen gingen wij op de foto. En daarna gingen wij weg. Maar eerst moest ik nog plassen. Iedereen zwaaide naar ons. Ik ga straks televisie kijken in de bus.





ZATERDAG 29 JULI 2006
Vandaag kwam papa weer met die grote bus. Hij was helemaal groen. Eerst was hij zilver. Ik mocht achter het stuur zitten. Alleen. Ik kan al autorijden. Er staat ook een fiets achterin. Er kwamen allemaal mensen. Mama heeft gezegd hoe ze heten. Maar dat ben ik alweer vergeten. Wij gingen met een andere auto rijden. Hij moest rechtdoor. Maar dat deed hij niet. Toen moest hij keren. Toen gingen wij buiten eten. Maar eerst ging ik op het hekje klimmen. Het eten was niet lekker. Maar ik heb wel een broodje met appelmoes gemaakt. Niemand at het op. Ik heb ook Fristi en Icetea en citroen en ijsblokjes gemengd. Dat was ook niet lekker. Maar wel leuk. Toen kreeg ik een ijsje in een giraffe. Papa heeft het ijs opgegeten. Toen gingen wij naar huis. Ik mocht op een motor zitten. En ik heb Jan en Marcel laten schrikken. Toen ging ik naar bed.